Eerst even dit: eerder bespraken we in deze rubriek de zeer aanbevolen voorstelling annex film Porte Bagage; de film is nu te zien in meerdere bioscopen. Advies: mis hem niet. Ook zeer aanbevolen en nu ruim in roulatie: de documentaire Mijn woord tegen het mijne over patiënten die stemmen horen en hoe psychiater Dirk Corstens hen op onorthodoxe wijze benadert. We schreven er eerder over in het kader van het documentairefestival IDFA.
In deze aflevering twee (!) besprekingen van de geweldige voorstelling Aletta, de musical over leven en invloed van arts en activist Aletta Jacobs (1854-1929).Verder een gedichtenbundel over baren, abortus en kinderwens, en twee films: een over een staatshoofd dat moet beslissen over de legalisatie van euthanasie, de ander over een patiënt met het syndroom van Gilles de la Tourette die succesvol opkomt voor zijn lotgenoten.
Eindredactie/correctie: Cathri van de Haar
Reacties in de vorm van opmerkingen, vragen, tips, kritiek en/of lof kunnen naar: scoop0329@gmail.com
Theater
Aletta de musical. Nu te zien, de speellijst vindt u hier

Zinderende musical over iconisch arts en activist Aletta Jacobs
De meer dan achthonderd pagina’s tellende boeiende en gedegen biografie van Aletta Jacobs door Mineke Bosch uit 2005 inspireerde Nathan Vecht tot het schrijven van een musical over haar. Dat het leven van Aletta zich voor een musical leent, bleek al uit de gelijknamige voorstelling in 2014 van GOOV Muziektheater op verschillende historische locaties in Groningen. De nieuwe musical kwam tot stand na jarenlange intensieve samenwerking van Nathan Vecht (script en liedteksten), Daria Bukvić van Theater Oostpool (regie), Sjaan Duinhoven (liedteksten en muziek), Maud Wiemeijer (script) en Wilko Sterke (muziek). Op 21 maart 2026 ging de aanstekelijke comedy-musical in première. Het komische element komt zowel tot uiting in de ridicule tegenwerking die Aletta Jacobs kreeg, als in de uitstekend vertolkte Aletta zelf, die slim, ad rem en geestig was, wat ook blijkt uit haar autobiografische Herinneringen uit 1924.
Leer het me dan
De musical begint bewust bedaagd met zelfgenoegzame mannen die het Nederland van 1871 bezingen. Vanachter een horizondoek met geschilderd polderlandschap komt Aletta de status quo doorbreken; ‘Zien jullie niet iets over het hoofd?’ zingt ze. Dan komen de vrouwen het toneel op en kan het grote genieten beginnen. We zien het gezin waarin Aletta opgroeit in Hoogezand-Sappemeer, haar vader is een Joodse plattelandsdokter. Joden hebben nog maar een halve eeuw gelijke burgerrechten in Nederland als Aletta wordt geboren. Haar moeder –- een overtuigende rol van Eva van der Gucht – roept uit: ‘Ik heb elf kinderen, er is nog geen voorbehoedsmiddel!’ Waarop vader (Kees Boot) verbaasd uitroept: ‘Elf!!??’
Desi van Doeveren, die de rol van Aletta met verve, vrolijkheid en vakmanschap vertolkt, zingt het hartstochtelijke lied Leer Het Me Dan. Ze snakt naar het vergaren van kennis, net als jonge vrouwen van nu, zoals de Pakistaanse Malala Yousafzai en de vrouwen in Afghanistan. Het mooie is dat de voorstelling uitnodigt om over het heden na te denken. Hoe de talenten van vrouwen nog altijd achteloos of bewust worden tegengewerkt. Aletta Jacobs kreeg stapels haatbrieven. Ook nu krijgen veel vrouwen in openbare functies haat over zich heen. De afgelopen jaren worden veel verworvenheden van de vrouwenbeweging weer teruggedraaid, treffend verwoord door Femke Halsema op 8 maart bij Women Unite in Carré.
Het musicalpubliek leert de veelzijdigheid van Aletta Jacobs kennen: een meisje dat hartstochtelijk op zoek is naar kennis, een studente die ondanks veel tegenwerking slaagt voor haar artsexamen, een dokter die gratis spreekuren houdt voor arbeidersvrouwen, een arts die niet bang is om het pessarium als voorbehoedsmiddel te introduceren, een strijdster en wereldreizigster voor het vrouwenkiesrecht, een vredesactiviste die in 1915, midden in de Eerste Wereldoorlog, bij de Amerikaanse president Woodrow Wilson in het Witte Huis een pleidooi voor vrede houdt. En dat allemaal met swingende muziek en strakke teksten.
Joodse vrouw
Het enige wat je bij je kunt blijven dragen is de kennis in je hoofd. Dat bracht de vader van Aletta zijn dochter bij. In het licht van de Joodse geschiedenis, van mensen die zijn verdreven uit hun land en in slavernij gebracht zijn, is dit een belangrijk inzicht. Aletta’s positie als Joodse vrouw heeft haar op een bepaalde manier ook geholpen. Door het Joods-zijn had haar vader contact met Levy Ali Cohen, een landelijk bekende Joodse arts die haar aanraadde een opleiding voor leerling-apotheker te volgen. Hij wist dat ook meisjes daarvoor werden toegelaten, een connectie die een niet-Joodse plattelandsarts uit Groningen niet zo snel zou hebben.
Het icoon Aletta was zeker niet alleen, zij was onderdeel van een brede nationale en internationale beweging. De jonge vrouwen van de populaire podcast DAMN, HONEY waren ook op de première en gingen uit hun dak toen Wilhelmina Drucker op het toneel kwam. Dolle Mina is genoemd naar dit andere bekende boegbeeld uit de vrouwenbeweging. Vanuit de zaal komt Wilhelmina Drucker aandacht opeisen voor zichzelf (ze zoekt letterlijk de spotlight op), én om de koloniale en soms zelfs racistische blik van Aletta aan de kaak te stellen. Op deze manier stelt de musical ook kritiek op Aletta op een elegante manier aan de orde.
De musical geeft meer intersectionele inzichten. Zoals bij Carrie Chapman Catt, Aletta’s reisgenoot op een wereldwijde propagandatocht voor het vrouwenkiesrecht, gespeeld door Gaia Aikman. Deze uitstekende soulvolle zangeres van kleur stapt op een grappige manier even uit haar rol: ‘Ik speel een witte vrouw, jullie bekijken het maar.’ Ook verwijzingen naar queer zijn soepel in het verhaal verwerkt, bijvoorbeeld aan het einde van het swingende lied ‘Give us the vote, of val dood’, dat wordt bezegeld met een klinkende zusterzoen, recht op de mond. De zaal reageerde met een denderend applaus. De muziek was heel afwisselend. Heel actueel en modern, met drums en sax of romantisch en ontroerend of heel jazzy.
Labia minora, labia majora
De focus ligt in deze musical niet zozeer op het medische aspect als wel op het activisme rond de strijd voor het vrouwenkiesrecht. Maar er is één geweldig geestige scène waarin de kracht van Aletta als vernieuwende arts wordt belicht. Zij geeft les over het vrouwelijk lichaam aan drie mannelijke artsen en drie vrouwen uit de Jordaan aan de hand van uitvergrote pagina’s uit haar boek De Vrouw. Haar bouw en haar inwendige organen. De heren wordt gevraagd labia minora, labia majora en de clitoris aan te wijzen maar vallen bij die laatste hevig door de mand; de vrouwen vinden onder hun opbollende rokken enthousiast hun kittelaar. Later zien we Aletta die een affiche ophangt voor het pessarium, waarna ze van alle kanten aangevallen wordt door tegenstanders. Aletta Jacobs heeft jarenlang een gratis spreekuur gehouden in de Jordaan. Vrouwen leefden in die tijd onder zware omstandigheden, kregen kind na kind en stierven vaak in het kraambed.
Na de voorstelling verzekerde Marian Mourits, emeritus hoogleraar gynaecologische oncologie UMC Groningen, ons: ‘De manier waarop Aletta het vrouwenlichaam en het vrouwelijk genitaal bespreekbaar maakt en uitlegt, is meesterlijk gedaan, en met gebruik van de juiste nomenclatuur. Ik bedoel: als er iets medisch wordt besproken op toneel of in een film, klopt er bijna nooit iets van, maar hier was alles op medisch gebied correct verwoord.
Om de woorden labia minora en labia majora gewoon zo de zaal in te slingeren, vond ik echt geweldig. Ook de kritiek op het woord schaamlippen kwam treffend naar voren.’
De beroemde passage uit Herinneringen, over een man die moest betalen voor de behandeling van zijn vrouw en protesteerde dat de rekening even hoog was als die van een mannelijke arts, komt ook voor in de voorstelling. Aletta antwoordde dat hij juist moest waarderen dat zij evenveel vroeg als een man. Als enige vrouwelijke dokter in het land en als specialist van het vrouwenlichaam had ze juist meer kunnen vragen.
Carel en Aletta
Het persoonlijke verhaal van Aletta bracht ontroering in de musical. Carel Gerritsen (gespeeld door Jacob de Groot), de man van Aletta, was een progressieve politicus van de Radicale Bond en feminist. Hij introduceerde haar in Londen bij andere vrouwelijke artsen. In een romantisch en grappig duet verklaren Carel Gerritsen en Aletta Jacobs elkaar de liefde. Met het wetboek in de hand besluiten ze niet te trouwen, want door een huwelijk zou Aletta haar handelingsbekwaamheid verliezen. Maar omdat ze hun kind niet onwettig ter wereld willen brengen, trouwen ze alsnog. Zonder woorden, met muziek en decorstukken verbeeldt Desi van Doeveren Aletta’s verdriet als hun zoontje al na een dag overlijdt.
We raden jong en oud, medisch en/of politiek geïnteresseerden, liefhebbers van muziek en theater aan om te gaan genieten van dit waarachtige verhaal met uitstekende songteksten, zangers en dansers en een vijfkoppige vrouwenband op het podium.
Dineke Stam, historicus en tentoonstellingsmaker
Alice van Gorp, actrice en theatermaker
‘Jong’ is op verzoek van de redactie alvast gaan kijken, daarom hier de bevindingen van student Wietske Thijs (21):

Mijn kinderhart gaat sneller kloppen wanneer ik hoor dat er een musical over de beroemde arts en feminist Aletta Jacobs is geschreven. Ruim tien jaar geleden wilde ik op de basisschool mijn spreekbeurt houden over Florence Nightingale, de grondlegger van de huidige verpleegkunde, maar dat werd snel afgewimpeld: er waren niet voldoende boeken over haar geschreven. En nu krijg ik een tweede kans: het recenseren van een musical over weer zo’n belangrijke vrouw binnen de gezondheidszorg én binnen de emancipatie: revanche! Ze studeerde aan de universiteit van Groningen, zette zich in voor arbeidersvrouwen en maakte zich hard voor de kennis over en het gebruik van voorbehoedsmiddelen. Anno 2026 manifesteert Aletta zich nog steeds in onze maatschappij. Denk aan de Aletta Jacobsprijs die elke twee jaar door de Universiteit van Groningen wordt uitgereikt aan een vrouw die zich (inter)nationaal heeft ingezet op het terrein van emancipatie. Dit jaar was dat Elanor Boekholt-O’Sullivan (ook zij verdient hier een klein podium), die als luitenant-generaal bij de Nederlandse krijgsmacht de vrouwonvriendelijke kanten van Defensie aan het licht wilde brengen.
Tijdgeest
Dus, met mijn feministische hart vervuld van sterke vrouwen, betreed ik vol verwachtingen het DeLaMar-theater in Amsterdam. Na het doven van de lichten begint meteen een lied; en daarmee is ook de toon van de voorstelling gezet. Vanuit een ironisch oogpunt wordt de tijdgeest waarin Aletta is opgegroeid geschetst: een ‘wel zo overzichtelijk’ negentiende-eeuws Nederland, waarin iedereen weet wat van hem, maar vooral van haar, verwacht wordt. Hierna maak je kennis met Aletta en haar gezin. Van jongs af aan is Aletta een koppige, activistische vrouw die zich inzet voor gelijkwaardigheid. De musical weet haar roerige bestaan, vervuld van tegenslagen, verdriet, maar ook succes, in een ontroerend, maar humoristisch jasje te steken. Je hebt je tranen nog niet weggeveegd, of je hoort alweer gegrinnik door de zaal: ‘Het is toch al 1903!’ Je ziet hoe ze zich vanaf het Groningse platteland weet toe te werken naar Amsterdam, waar ze haar eigen dokterspraktijk begint. Almaar bespot door zowel man als vrouw, die haar vertellen: ‘Doe gewoon normaal, doe eens niet zo gek’ – want een vrouw hoort toch niet te werken. Maar hoe meer tegenslag ze krijgt, hoe meer weerstand ze biedt. Tot ze als kers op haar carrière een wereldreis maakt, waarin ze vrouwen over de hele wereld laat aansluiten bij deze eerste feministische golf.
Nog meer vooruitgang
Na drie uur – jawel, drie uur! – sluit het doek. Het publiek is vervuld van de kracht van de vrouw, de kracht van activisme en de hoop op nog meer vooruitgang dan er al is geboekt. Aletta, de musical laat zien hoe ver de emancipatie al gekomen is, maar ook hoe ver we nog van het einddoel – werkelijk gevoelde gelijkwaardigheid – af staan. De humoristische toon van de musical is goed in staat het nog steeds gevoelige onderwerp van de ongelijkwaardigheid scherp aan het licht te brengen. Het verhaal van onze eerste vrouwelijke arts krijgt daardoor een nog steeds urgente lading, zonder het persoonlijke uit het oog te verliezen.
Wietske Thijs, student scheikunde
Poëzie
Op navelhoogte de kans, Rodante van der Waal, Nijgh & Van Ditmar, 184 blz., 20,99 euro

Poëtische verkenning van baren, abortus en kinderwens
Gepromoveerd filosoof, verloskundige en dichter Rodante van der Waal verrijkt met de bundel Op navelhoogte de kans de poëzie met belangrijke thema’s: baren, niet-baren, abortus, kinderwens. En of dat wat er op navelhoogte gebeurt, te maken heeft met kansen: ‘was ik altijd al / op navelhoogte niets meer dan een kans’. Opmerkelijk dat nu pas poëzie verschijnt over deze levensbepalende en transitionerende gebeurtenissen in het leven van zovelen. In beeldende taal, her en der vermengd met praktijktaal.
De bundel bestaat uit meerdere compartimenten binnen ‘op navelhoogte’ en ‘de kans’, met grote verschillen, in perspectief, in vorm, in uitgangspunt, en daarmee in leesbaarheid en in de lading die zij hebben. Er zijn dilemma’s, er is weerstand en verzet, er is rouw, rouw om onrecht en om hoe het niet is gegaan. En er is mooie beeldspraak, zoals de volgende:
de kleine tijd kraste
nog wekenlang
de nacht van de grote door
Een ontregeling van het nú die nog lang en in onverwachte zaken haar invloed doet gelden.
Handen
Er is een bijzonder reflectief moment, als de ik-persoon/verloskundige observeert wat haar handen betekenen, waar de handen en de persoon van verloskundige voor staan:
mijn handen zijn …
een belichaamde grens tussen deze geboorte
en al die andere
een die soms meedirigeert, soms bewaakt en soms
opheft – de meest verwarde verwikkeling
van grenzen en ontgrenzen
van vrijheid en dienstbaarheid
van mijn bewustzijn en het hare
die ik ken
En een pijnlijk invoelbare, oncomfortabele metafoor:
…maar ze had
wat van haar veren
in de wanden
van mijn baarmoeder
gedrukt
en ze
vastgevlogen
Daarnaast zijn er vele minder volgbare associaties en metaforen. Vooral bij de wat eenvoudiger woord- en beeldcombinaties kan ik mijn eigen witte doek vullen. Maar met vele overmatige verbindingen kan ik (nog) niet mee. Ik word in de krappe ruimte rondom de navel allerlei kanten op gestuurd, en daarmee voel ik wel de beklemming en alle tegenstrijdigheden die rondom zwangerschappen bestaan. Ik zie en lees deze bundel daarom graag als meerdere losse bundels. Omdat alle beschreven thema’s hun eigen ruimte verdienen.
Coes Delprat, arts voortplantingsgeneeskunde
Film
La grazia, nu in de bioscoop
De trailer vindt u hier

President in dubio over legalisering euthanasie
De ambtstermijn van de (fictieve) Italiaanse president Mariano De Santis zit er bijna op. ’Gewapend beton’ luidt zijn bijnaam, want als voormalig rechter en gevierd jurist heeft hij zijn leven gebouwd op principes. Niet geheel ten onrechte ziet hij zichzelf daarom als de saaiste mens die er bestaat. In La grazia, de nieuwe film van de Italiaanse grootmeester Paolo Sorrentino, volgen we dit toonbeeld van beheersing en degelijkheid in de zalen en hallen van het presidentieel paleis. Zijn dagen worden bepaald door protocol en plicht en door gesprekken met de mannen en vrouwen in zijn staatkundige entourage. Alles bijeen een bestaan dat nogal onthecht en koud lijkt. Líjkt, want onderhuids borrelt het bij deze kettingroker: zo is hij geobsedeerd door de vraag wie, jaren geleden, de minnaar is geweest van zijn innig geliefde, inmiddels overleden vrouw. En wordt hij geplaagd door een drietal morele kwesties: voor hij terugkeert naar het gewone leven moet De Santis beslissen over twee gratieverzoeken van controversiële gevangenen en over zijn handtekening onder een wet die euthanasie legaliseert. Net als in de meeste van Sorrentino’s vorige films, zoals het fameuze La grande bellezza, speelt Toni Servillo de hoofdrol – de rol van de president blijkt hem ook nu weer op het lijf geschreven.
Worsteling
De katholieke president stelt het ondertekenen van de euthanasiewet alsmaar uit, tot frustratie van zijn dochter Dorothea, die ook zijn politieke assistente is, en die hem kritisch benadert (wat tot interessante gesprekken leidt, overigens). Hij worstelt: tekent hij, dan voelt hij zich een moordenaar; weigert hij, dan is hij naar eigen zeggen een folteraar. Ook de gratieverzoeken op zijn bureau zijn complex. Een vrouw doodde haar gewelddadige man in zijn slaap, mogelijk om hem te bevrijden van zijn obsessies. Een man wurgde zijn vrouw die leed aan de ziekte van Alzheimer. Beide gevallen confronteren hem met moeilijke vragen over schuld, mededogen en rechtvaardigheid.
Beeldtaal
Sorrentino giet de laatste dagen van dit presidentschap in de elegante beeldtaal die we van hem gewend zijn, maar tot het soort stilistische overdaad die we kennen van eerdere films komt het minder vaak, de enscenering is wat ingetogener, minder extravagant, hoewel qua elektronische soundtrack hier en daar nog wel fors wordt uitgepakt. En dat alles weer omdat achter al die ijdele schoonheid, diepe melancholie, wijsheid, maar ook tragische bitterheid en spijt over het leven schuilgaan. Vrij expliciet verwoord door de paus, een goede vriend van De Santis, die hem confronteert met deze waarheid: ‘Je bent oud, je hebt pijn, je vrouw is dood, je werk is ten einde. Je verleden is een last, je toekomst een leegte.’
De uitspraak is een echo van eerdere Sorrentino-films, zoals Youth, waarin ouderdom wordt beschreven als kijken door een omgekeerde verrekijker: alles lijkt verder weg. ‘Lichtheid is een perversie’, merkt een van de protagonisten in die film op, maar nu is het juist die lichtheid, noem het gerust Kundera’s ondraaglijke lichtheid, waar De Santis naar verlangt. Een leven zonder vaste betekenis, zonder herhaling en zonder ultieme rechtvaardiging, waarin alles vluchtig, toevallig en niet te corrigeren is. Dromen – maar De Santis droomt nooit – van een leven zonder zwaartekracht. Dat verlangen krijgt een bijna poëtische vorm in het terugkerende beeld van een astronaut in het ruimtestation ISS. Maar ja, De Santis is van ‘gewapend beton’ – dan is het moeilijk licht te zijn of te worden.
Ethiek
Sorrentino zelf plaatst zijn film nadrukkelijk in een traditie van cinema over morele en ethische kwesties: als jongeman werd hij diep getroffen door de Dekaloog van Krzysztof Kieślowski. In zijn eigen woorden: ‘Een meesterwerk dat volledig gericht is op morele dilemma’s, de plot van alle plots, het enige echt meeslepende verhaal.’ Sorrentino voelde zich genoodzaakt ‘op een historisch moment waarin ethiek soms optioneel, ongrijpbaar, ondoorzichtig lijkt, of maar al te vaak alleen om instrumentele redenen wordt ingeroepen’ juist daarover een film te maken. Ethiek is immers een serieuze zaak: ‘Het houdt de wereld in stand. En Mariano De Santis is een serieuze man.’
Uiteindelijk neemt De Santis zijn beslissingen – over de euthanasiewet en over de gratieverzoeken. Welke? Ga deze prachtige film zien.
Henk Maassen
Film
I Swear, nu in de bioscoop
De trailer vindt u hier

John Davidson: ambassadeur voor patiënten met tourette
I Swear van Kirk Jones, publieksfavoriet op het laatste International Film Festival Rotterdam, is een biopic over John Davidson die tot op de dag van vandaag lijdt aan het syndroom van Gilles de la Tourette. De film laat zien hoe patiënten vaak verkeerd zijn begrepen. Dat thema wordt meteen duidelijk in de openingsscène, waarin John in 2019 door Elizabeth II wordt geridderd vanwege zijn inzet voor meer bewustwording rond de aandoening. Op het moment suprême roept hij impulsief ‘Fuck the queen’, waarna hij zich direct verontschuldigt – een pijnlijk maar treffend voorbeeld van zijn tics.
De film blikt terug op zijn jeugd, als de symptomen van de neurologische ziekte zich voor het eerst manifesteren tijdens zijn middelbareschooltijd in de jaren tachtig. Net wanneer een voetbalscout zijn talent als keeper komt beoordelen, loopt alles mis. Door een conflict met het schoolhoofd – waarbij John hem beledigt en zelfs eten in zijn gezicht spuwt – raakt hij in de problemen. Ook in sociale situaties, zoals een eerste date, krijgt hij zijn tics en uitbarstingen niet onder controle, wat tot pijnlijke en gênante momenten leidt. Thuis is hij nauwelijks te handhaven; zijn vader begrijpt hem niet.
Zelfmoordpoging
Zijn tics worden steeds zichtbaarder: ongecontroleerde bewegingen, plotselinge scheldwoorden en impulsieve reacties richting zowel bekenden als vreemden. Hij wordt regelmatig fysiek aangevallen door mensen die zijn gedrag niet begrijpen, en zijn uitleg dat hij er niets aan kan doen, wordt zelden geaccepteerd. De druk wordt zo groot dat hij als tiener zelfs een zelfmoordpoging doet. Keerpunt is de opvang door Dottie, de moeder van een vriend, die hem leert zichzelf niet voortdurend te verontschuldigen voor zijn gedrag. Ook krijgt hij steun van de oudere Tommy, die hem aan een baan helpt. Dankzij deze begripvolle mensen vindt John stukje bij beetje zelfvertrouwen.
Uiteindelijk groeit hij uit tot een belangrijke stem voor mensen met tourette. Door het organiseren van bijeenkomsten voor lotgenoten ontwikkelt hij zich tot een echte ambassadeur, die niet alleen zijn eigen leven vormgeeft, maar ook dat van anderen positief beïnvloedt.
Therapie
Nog maar heel recent is er in Engeland een nieuwe, zij het nog experimentele, therapie beschikbaar die de frequentie van tics en uitvallen verlaagt. John heeft er baat bij. Het gaat daarbij om een niet-invasieve hersenstimulatiemethode die hersenoscillaties die verband houden met bewegingsonderdrukking, moduleert. Dat gebeurt niet langs de weg van transcraniële magnetische stimulatie, zoals je zou verwachten, maar door ‘ritmische perifere zenuwstimulatie’. Wie er meer van wil weten kijkt hier en hier. Onderzoekster Barbara Morera, haar patiënten en de werkelijke John Davidson komen aan het eind allemaal even in beeld. De kijker heeft op dat moment een voortreffelijk gemaakte, overtuigend geacteerde en vooral ook vermakelijke (want er mag gelachen worden) feelgoodfilm gezien.
Henk Maassen