Het kan niemand die de boekenrubrieken heeft gevolgd zijn ontgaan: vorige week verscheen de kolossale roman Infinite Jest uit 1995 van David Foster Wallace (1962-2008) eindelijk in een Nederlandse vertaling, titel: Eindeloos vertier. Daarin onderzoekt de Amerikaanse auteur op weergaloze wijze het effect van entertainment, commercie, kapitaal en roesmiddelen op de menselijke geest. Want literatuur moest volgens hem in beeld brengen ‘what it is to be a fucking human being’ in de wereld van vandaag de dag. Psychiater Yolande de Kok las het onconventionele, tragikomische meesterwerk dat zich afspeelt in een kliniek voor drugsverslaafden en een tennisacademie. Ze schrijft in een extra lange bijdrage over haar leeservaringen, waarmee ook u uw voordeel kunt doen bij het lezen ervan.
Verder in deze aflevering de Deense film Beginnings, over hoe een beroerte een gezin ontregelt, en De levensavond, een verhalenbundel van Salman Rushdie. En tot slot tippen we nog kort de verfilming van Paaz, de ‘psychiatrische’ bestseller van Myrthe van der Meer uit 2012, en Mist, een dynamische theatervoorstelling over dementie.
Eindredactie/correctie: Cathri van de Haar
Reacties in de vorm van opmerkingen, vragen, tips, kritiek en/of lof kunnen naar: scoop0329@gmail.com
Roman
Eindeloos vertier, David Foster Wallace, [Vertaling Robbert-Jan Henkes], Uitgeverij Koppernik, 1176 blz., 50 euro

Hoe van Eindeloos vertier te genieten: een soort handleiding
Precies dertig jaar na publicatie van Infinite Jest van David Foster Wallace verschijnt de Nederlandse vertaling, Eindeloos vertier, door Robbert-Jan Henkes. De uitgave ziet er prachtig uit, met op de omslag de afbeelding van een lichtblauwe wolkenhemel en daarop in grote, gele letters de titel en in zwarte letters de auteursnaam. Ook de boven-, onder- en buitenrand van de pagina’s, het deel dat je ziet als het boek gesloten voor je ligt, zijn geel gekleurd. Het boek ligt lekker in de hand, met lichte bladzijden die gemakkelijk omslaan en lekker ruiken en een rug die soepel buigt en ook na lezing geen vouwen vertoont.
Je moet een boek weliswaar niet beoordelen op zijn kaft, zoals een Engels spreekwoord zegt, en het is ook ongebruikelijk om een recensie te beginnen met de uiterlijke kenmerken van een boek, maar voor een boek dat je als lezer zo lang in handen hebt als het dikke en niet heel toegankelijke Eindeloos vertier zijn dat wel belangrijke aspecten. Dat het lezen echt een uitdaging is, lijkt de uitgever te beseffen. Bij het boek wordt een button geleverd met de tekst ‘Ik heb Eindeloos vertier gelezen’, in dezelfde gele letters als de titel van het boek en tegen dezelfde blauwe wolkenachtergrond, als een knipoog naar de hype die Infinite Jest bij verschijnen teweegbracht en waarbij vooral jonge mensen met het boek gezien wilden worden. Om het lezen te vergemakkelijken wordt een eveneens hemelsblauwe bladwijzer meegeleverd, die in tweeën geknipt kan worden, met één deel te gebruiken voor de roman en één deel voor de noten, die samen 113 pagina’s beslaan. De noten bestaan voor een deel uit informatieve uitleg over de in het verhaal genoemde drugs of medicijnen en zijn voor een deel een uitweiding van het verhaal.
Button
Na ruim twee weken intensieve omgang met Eindeloos vertier kan ik de button dragen. Ik heb de hele roman gelezen: de hoofdstukken over Hal Incandenza en zijn familie op de Enfield Tennis Academie, de hoofdstukken over de ex-verslaafde Don Gately en andere (ex-)verslaafden in het Rehabhuis, de niet geheel navolgbare hoofdstukken over de Canadese guerrillabeweging Les assassins des fauteuil roulants, die probeert Quebec los te maken van Amerika, waar het in de wereld van Eindeloos vertier deel van uitmaakt, maar ik heb de noten slechts selectief ingekeken.
Bij een roman van deze omvang en met deze opzet, waarin niet alleen gesprongen wordt tussen verschillende personages en plaatsen, maar waarin ook voortdurend uitweidingen worden gemaakt, in lange, samengestelde zinnen, met ongewone woorden, die ik nogal eens heb moeten opzoeken en die soms onbestaand en dus verzonnen blijken, is hóe je leest belangrijker dan wát je leest. Misschien zijn er lezers die elke gedachte van Wallace willen volgen, ook waar hij erg wijdlopig wordt en details vermeldt die voor het verhaal niet ter zake doen of die verwijzen naar gebeurtenissen die nog beschreven moeten worden en die de lezer dus nog niet kan plaatsen, maar deze lezers zullen de button niet gauw dragen. Mijn inzet was om het boek vooral met zoveel mogelijk plezier te lezen.
Omslachtig
De details over tennis, een sport waarin de auteur bijna een profcarrière was begonnen, heb ik langs me heen laten gaan, evenals de uitgebreide uitleg van Eschaton, een door studenten verzonnen stratego-achtig spel dat met tennisballen wordt gespeeld. Bij alinea’s waar ik in lange, meanderende zinnen met een overvloed aan verwijzingen kwijtraakte waar de tekst precies over ging (en dat gebeurde) heb ik gewoon doorgelezen tot het weer concreter werd. En dat lukt, zoals je ook bij een patiënt die heel omslachtig en wijdlopig spreekt, het verhaal soms beter op zijn beloop kan laten, dan om bij elke onduidelijkheid vragen te stellen. De wijdlopige manier van schrijven met de vele bijzinnen, doet je er wel bij stilstaan hoe denken functioneert (of in elk geval het denken van iemand die naar volledigheid streeft), waarbij elk woord of elke veronderstelling weer tot een heleboel vertakkingen kan leiden. Het doet je ook beseffen hoe een eenduidige, strakke manier van praten en schrijven communicatie gemakkelijk maakt, maar tegelijk een soort versimpeling is van de werkelijkheid, omdat er nog een heleboel ongezegd blijft (de achtergronden die Wallace onder andere in zijn voetnoten heeft weten te vangen).
Dynamiek van verslaving
De meest strak en coherent geschreven passages spelen in de verslavingswereld: in het Rehabhuis waar verslaafden na opname in de verslavingskliniek verblijven en bij de AA-bijeenkomsten. Deze passages getuigen van een groot inzicht in de dynamiek van verslaving, een ziekte waar Wallace zelf ook aan leed (naast depressies) en voor behandeld is.
Ook op de tennisacademie speelt verslaving een rol. Studenten zoeken een plek om ongezien te kunnen gebruiken, handelen in drugsvrije urine om bij urinecontroles niet betrapt te worden en een enkeling zoekt uiteindelijk hulp bij de AA en in dat Rehabhuis.
Heel treffend beschreven is ook de beleving van een psychotische depressie, waaraan een van de bewoners van het Rehabhuis lijdt, die de aandoening omschrijft als ‘Het’. ‘Het is ook eenzaam, in een mate die niet uit te drukken valt. Op geen enkele manier kan Kate Gompert zelfs maar beginnen een ander aan het verstand te brengen hoe een klinische depressie aanvoelt, zelfs geen ander die zelf klinisch depressief is, omdat iemand in een dergelijke toestand niet in staat is tot empathie met enig ander levend wezen (…) het is een klinisch depressieveling onmogelijk om een ander (iemand, ding) te zien als losstaand van de universele pijn die haar cel voor cel verteert. Alles maakt deel uit van het probleem, en een oplossing is er niet. Het is een privéhel.’
Zelfmoord komt veel ter sprake in het boek. De vader van student en tennisser Hall pleegt zelfmoord door zijn hoofd in de oven te steken. Don Gately, de ex-verslaafde die in het Rehabhuis woont en daar anderen helpt, herinnert zich de zelfmoord van een vroegere eenzame buurvrouw die zich ophing. Op de tennisacademie is er een speler die langdurig dreigt met zelfmoord als hij een wedstrijd zou verliezen, en die zich uiteindelijk door het hoofd schiet. Er wordt een verhaal verteld van iemand die zich vergiftigde, waarbij een reanimatiepoging door een familielid ertoe leidde dat dit familielid ook vergiftigd werd, wat zich herhaalde toen een ander familielid deze persoon wilde reanimeren, etc. De verwijzingen naar suïcide zijn extra wrang als je bedenkt dat de auteur zelf zich tijdens een depressie heeft gesuïcideerd.
Humoristische anekdotes
Kan een boek dat zoveel over psychische ellende gaat en daarnaast bij momenten zo moeilijk leesbaar is, grappig zijn? Ja, dat kan. Ik heb diverse malen gelachen om absurdistische passages, zoals over de Canadese afscheidingsbeweging Les assassins des fauteuil roulants en hun zoektocht naar de originele filmband van Infinite Jest die zo grappig is dat ernaar kijken tot de dood leidt, omdat de kijker de film steeds opnieuw wil zien en het nalaat om te eten, te drinken, te slapen (een gegeven waarnaar de titel van het boek verwijst).
Ook zijn er licht humoristische anekdotes die min of meer op zichzelf staan, zoals over een man die de wacht krijgt aangezegd omdat hij altijd te laat op zijn werk komt en die dan verschillende wekkers zet, maar alsnog de trein dreigt te missen omdat er net die nacht een stroomstoring is. In zijn haast naar het perron rent hij een kind omver. Als hij ervoor kiest om dat kind te helpen (en zo de trein te missen) vraagt het kind: ‘Ben jij Jezus?’ Einde anekdote.
Ook zijn er (wrange) woordgrappen. Als de moeder van Don Gately wanneer hij nog een kind is, wordt opgenomen met levercirrose onthoudt hij het als Sir Otis van Dullever, in zijn kinderlijke beleving een van de ridders van King Arthur. Sommige zinnen zijn krachtig in hun eenvoud. ‘Vergeet niet de honden te aaien’, krijgen mensen die een intake doen bij het Rehabhuis als advies van de bewoners, waarbij de honden de schurftige beesten van de directrice zijn. Ongetwijfeld lijken ze op de getraumatiseerde honden die David Foster Wallace zelf in huis nam.
Dwarsverbanden
Aanvankelijk lijkt Eindeloos vertier te bestaan uit losse hoofdstukken, waarin hoofdstukken over de tennisacademie en hoofdstukken over de verslavingswereld elkaar afwisselen, onderbroken door hoofdstukken over de Canadese afscheidingsbeweging. De titels van de hoofdstukken hebben vaak een bijzondere tijdsaanduiding, als Het Jaar van het Depend Incontinentie-Ondergoed of Het Jaar van de Tucks verzachtende Aambeiendoekjes, verwijzend naar een uitvinding die in dat jaar is gedaan. De achtergrond hiervan wordt niet uitgewerkt en de tijdsaanduidingen helpen niet om de verschillende hoofdstukken beter ten opzichte van elkaar te kunnen plaatsen.
De verschillende werelden lijken aanvankelijk los van elkaar te staan, maar er ontstaan wel dwarsverbanden. Zo is de maker van de film Infinite Jest ook de oprichter van de Enfield Tennis Academie (en de vader van student en tennisser Hal Incandenza), en laat de actrice die een hoofdrol in zijn film speelt zich later behandelen in het Rehabhuis. En als de Canadese rolstoel-guerrillabeweging op zoek gaat naar de originele band van de film ontstaat een gevecht, waarbij Don Gately gewond raakt en in het ziekenhuis belandt. Dan volgt een van de mooiste passages, waarin de wereld pagina’s lang wordt beschreven vanuit het delier waarin Don Gately verkeert.
Is het verhaal hiermee verteld? Weten we hoe het afloopt met Hal, en wat die Quebecse afscheidingsbeweging verder bereikt? Nee, met de delirante Don Gately eindigt het boek, zoals dingen soms ineens stoppen: ‘En toen hij weer bijkwam, lag hij plat op zijn rug op het strand in het ijskoude zand, en het regende uit een laaghangende hemel en de branding was heel ver weg.’
Is hiermee alles verteld wat ik over Eindeloos vertier zou kunnen opmerken? Nee, zeker niet. Een literatuurwetenschapper zou er een promotieonderzoek aan kunnen wijden om zo alle betekenislagen en verwijzingen uit het boek te kunnen plaatsen. Het is een roman waar je als lezer nog lang over zou kunnen doorpraten en waarin iedereen zijn eigen aansprekende passages zal hebben.
Ik kijk daarom uit naar mensen die de button ‘Ik heb Eindeloos vertier gelezen’ ook zullen dragen en ben benieuwd naar hun ervaringen.
Yolande de Kok, psychiater
Film
Beginnings, nu in de bioscoop
De trailer vindt u hier.

Scheiding onderbroken door beroerte
Met Beginnings wil regisseur/scenarist Jeanette Nordahl naar eigen zeggen een intiem en persoonlijk liefdesverhaal vertellen dat het onvoorspelbare karakter van het leven centraal stelt. Geïnspireerd door de relatie van haar eigen ouders – waarin ziekte al sinds haar jeugd een bepalende rol speelde – onderzoekt haar film hoe mensen verder moeten wanneer het onverwachte en dus controleverlies zich aandient.
De openingsscènes tonen het strak georganiseerde en gedisciplineerde bestaan van Ane, docent mariene biologie aan de universiteit. Haar echtgenoot Thomas werkt als hulpverlener in een opvanghuis voor jonge delinquenten. En dan zijn er nog twee dochters: de tiener Clara, een getalenteerde turnster, en de fantasierijke 10-jarige Marie.
Al snel is duidelijk dat het huwelijk tussen Ane en Thomas verkild is. Maar beiden willen hun dochters pas informeren over hun voorgenomen scheiding zodra Thomas definitief intrekt bij zijn nieuwe vriendin, tevens collega. Dan krijgt Ane een zware beroerte, met hemiplegie van de linkerzijde van haar lichaam als gevolg.
Ane hoort dat de hersenschade te groot is om volledig herstel te garanderen. We zien hoe ze revalideert, opnieuw moet leren lopen en hoe zelfs de meest basale handelingen haar confronteren met een kwetsbaarheid die ze aanvankelijk weigert te accepteren. De vrouw die altijd controle had, blijkt hulpelozer dan ze ooit had gedacht. Terwijl Ane werkt aan haar fysieke herstel moet ze daarom ook haar psychische balans hervinden. De scheiding wordt uitgesteld. Thomas wordt haar verzorger, maar zijn aanwezigheid brengt haar eerder ergernis dan troost. Tegelijkertijd groeit er opnieuw een vorm van verbondenheid tussen hen. Nordahl brengt dat proces overtuigend en vooral erg naturel in beeld.
Pas tegen het einde neigt Beginnings helaas wat meer naar het melodramatische. De symboliek rond de turnende dochter die worstelt met haar balans ligt er dan bijvoorbeeld wat te dik bovenop, waarna een volkomen uit de hand gelopen autorit de rest doet. Maar de film blijft overeind, vooral dankzij de prachtige vertolking van de bekende Deens actrice Trine Dyrholm als Ane; in haar gelaat en houding is alles, van verdriet en gelatenheid tot weerspannige opstandigheid, af te lezen. Dat maakt Beginnings uiteindelijk niet alleen een drama over de gevolgen van ziekte, maar ook tot een film over hoe je ondanks alle medische tegenslag opnieuw kunt beginnen.
Henk Maassen
Verhalen
De levensavond, Salman Rushdie, [Vertaling: Karina van Santen en Martine Vosmaer]. Uitgeverij Pluim, 256 blz., 24,99 euro

Parabels over onze tijd
De levensavond van Salman Rushdie omvat vijf verhalen. In het zuiden gaat over twee oude mannen, maar omdat ze een paar dagen in leeftijd verschillen heet de een junior en de ander senior. Ze wonen naast elkaar en zijn het bijna over niets eens. Junior sterft door een val. Senior is degene die dood wilde, maar zelfs een grote tsunami (die van 26 december 2004) zorgt daar niet voor. Een verhaal over de volstrekte willekeur van het leven.
Musicus
De muzikante van Kahani verhaalt van een sublieme musicus die op haar vierde al iedereen versteld doet staan. Zij trouwt met de zoon uit een hele rijke familie, wat haar hele leven gaat bepalen. Haar zwangerschap wordt een media-event. Daardoorheen speelt het verhaal van een corrupte godsdienstige sekte. Rushdie fileert daarmee de huidige mediacultuur: woorden als ‘goed’ en ‘slecht’, of ‘juist’ en ‘fout’, hebben geen effect meer, verliezen hun betekenis en slagen er niet meer in de samenleving vorm te geven. Andere woorden, zoals ‘kracht’, ‘zwakte’ etc. komen ervoor in de plaats. Verder wordt ‘kennis’ vervangen door ‘onwetendheid’, wordt ‘herinnering’ vervangen door ‘vergeten’, en niets, geen enkele schanddaad, hoe gruwelijk ook, blijft lang in de publieke opinie hangen.
Geest
In Ontijdig gaat het om een schrijver die na zijn overlijden als geest is blijven rondzwerven. Hij verschijnt aan een Indiase studente in zijn woning op een college in Oxford. Langzaam onthult hij aan haar wat hij vroeger gedaan heeft: decoderen in de Tweede Wereldoorlog. Niemand weet dat, het was supergeheim, evenals zijn seksuele geaardheid. Doet allemaal aan leven en werk van de wiskundige Alan Turing denken. De wraak van de overledene is zoet.
Het vierde verhaal, Oklahoma, refereert aan Franz Kafka. Een verdwenen oom laat aan de verteller twee verhalen na. Het ene verhaal gaat over de Spaanse schilder Goya, het andere over de verdwijning van zijn oom. Het is het minst duidelijke verhaal uit het vijftal.
Geen woorden
De oude man op de piazza ten slotte gaat over een man die elke middag, behalve op zondag, om vier uur op het terras van een café gaat zitten, een koffie bestelt, om zes uur een biertje en die om acht uur weer naar huis gaat. De oude man ontwikkelt zich tot een soort wijze rechter, hij geeft advies aan ruziënde mensen. Geleidelijk aan gaat hij ook oordelen over wie van de strijdende partijen het deugdzaamst is. Intussen kwijnt de taal weg in een hoekje op de piazza, want wat de oude man doet leidt tot het verbieden van woorden. De taal verlaat uiteindelijk de piazza. Lees: onze woorden laten ons in de steek. Dit laatste verhaal is het krachtigst van de vijf, want een mooie parabel over de puristen van rechts en links.
Alle verhalen zijn de moeite waard, zij het toch wat minder sprankelend geschreven dan we van Rushdie gewend zijn. Het is mij bovendien onduidelijk op grond waarvan deze bundel wordt aanbevolen als vijf verhalen die zich richten op de laatste fase van het leven. En het is mij daarom ook niet duidelijk waarom de Engelse titel, The Eleventh Hour, vertaald is met De levensavond. Het is immers een boek waarin Rushdie, in de vorm van vijf parabels, nog een keer zijn mening over onze wereld aan ons meedeelt.
Arko Oderwald
Film
Paaz, nu in de bioscoop
De trailer vindt u hier.

Gedwongen opname
In de film Paaz, gebaseerd op de gelijknamige bestseller uit 2012 van Myrthe van der Meer, die meeschreef aan het scenario, worden lichtheid en zwaarte met elkaar verenigd in een verhaal over een gedwongen opname op een psychiatrische afdeling. In het boekbeschrijft Van der Meer de vijf maanden die ze zelf doorbracht op zo’n afdeling. Net als het bronmateriaal zoekt de verfilming naar humor in een pijnlijke periode, maar waar het boek grillig en scherp observeert, kiest regisseur Anne de Clercq voor een duidelijker en toegankelijker verhaallijn rond hoofdpersoon Emma.
Veilige plek
De kliniek wordt neergezet als een warme, bijna veilige plek, bevolkt door mensen die eerder zoekend dan ‘gek’ zijn. Tegelijkertijd zorgt die mildheid ervoor dat de ontregeling en rauwheid van het boek minder voelbaar zijn; alles blijft opvallend overzichtelijk.
Veel rust op de schouders van Gaite Jansen, die Emma neerzet als iemand die balanceert tussen de buitenkant van opgewekte bravoure en haar innerlijke ontreddering. Ze laat zien hoe haar personage langzaam beseft dat ze zichzelf niet langer kan ontlopen. Haar spel geeft de film emotionele diepte, ook wanneer het scenario de scherpe randjes wat afvijlt.
Hoop
Voor Anne de Clercq gaat de film vooral om hoop: ‘Dat moest je terugzien in look, stijl en muziek. Je ziet dit bijvoorbeeld in de locatie en de kleuren van de paaz. Die hebben we opnieuw geschilderd: kleur in plaats van wit, de ruimtes wat groter gemaakt. De filmmuziek is bewust optimistisch, al zitten er wel instrumenten in die aangeven dat er ondertussen iets anders aan de hand is.’ En verder wilde ze ook duidelijk maken dat er vaak niet een reden of oorzaak voor een depressie is aan te wijzen. Er hoeft niet iets te gebeuren in je leven om depressief te worden. Zeker mensen die denken geen reden te hebben om zich depressief te voelen, praten er niet over. En dat is niet oké.’
Vanuit die visie maakte ze een publieksvriendelijk drama dat mentale kwetsbaarheid uit de sfeer van sensatie haalt, maar daarbij soms inlevert op de ontwrichtende kracht die het oorspronkelijke verhaal zo bijzonder maakte.
HM
Theater
Mist, nu te zien in de theaters. De speellijst vindt u hier.
Hier vindt u een voorproefje van de voorstelling.

Dementerende komiek
De tragikomedie Mist van Ydwer Bosma schetst het aangrijpende portret van variétékomiek Willy Borèl, die wordt opgenomen in een zorgcentrum terwijl zijn dementie voortschrijdt. De verschillende stadia die tot de opname hebben geleid, worden in de vorm van flashbacks verteld, afgewisseld met de lotgevallen van de komiek in het zorgcentrum. In de regie van Tim Schuitvlot vertolkt Laus Steenbeeke de rol van Willy en laat daarin virtuoos diens nogal verschillende gemoedstoestanden zien: van sarcasme naar verwarring en wanhoop. De andere acteurs vervullen een aantal dubbelrollen, zoals die van pianist-begeleider, zoon, manager, en roddeljournalist.
De voorstelling toont in een dynamisch tempo niet alleen het verlies van identiteit ten gevolge van dementie, maar ook de impact op naasten. Aanrader.
HM